Vier uitdagingen voor precisiediagnose

Het stellen van de juiste diagnose is van groot belang: het vormt de basis van elk besluit in de behandeling van de patiënt en maakt het verschil tussen een geslaagde en een niet-geslaagde behandeling. Maar op tal van manieren is het diagnostische proces nu uitdagender dan ooit. 

We willen u graag informeren en inspireren, dus meld u aan wij houden u op de hoogte van de laatste Medisch Perspectief artikelen.

Zorgverleners zijn overbelast met administratief routinewerk en worstelen met gefragmenteerde systemen waardoor hun focus niet bij de patiënt ligt. Bovendien blijft de totale hoeveelheid medische data toenemen – elk jaar met 48%, volgens sommige schattingen. Hoewel daarmee nog nauwkeurigere diagnoses en behandelingen mogelijk zijn, is het in werkelijkheid vaak lastiger om de echt relevante informatie uit de data te filteren. Artsen hebben te veel data en te weinig tijd.

 

Het is niet verwonderlijk dat professionals steeds vaker last hebben van een burn-out. Volgens de World Medical Association heeft bijna de helft van de artsen in de wereld symptomen van fysieke, mentale en emotionele uitputting. Een enquête onder radiologiemedewerkers die Philips vorig jaar heeft uitgevoerd bevestigt dat ook zij in hoge mate kampen met stress en burn-outs. En dat was voordat COVID-19 ons overviel. Met de extra druk van de pandemie is de noodzaak voor transformatie van de gezondheidszorg nog groter geworden. 

 

Hoe kunnen we uiteenlopende werkstromen verbinden om de efficiëntie bij diagnoses te verbeteren? Hoe kunnen we data omzetten in informatie? En hoe zorgen we ervoor dat patiënten hier uiteindelijk van profiteren in de vorm van een nauwkeurigere diagnose en behandeling? 

Gemiddelde leestijd: 
4-6 minuten

De deur openen voor precisiediagnose

Leiders in de gezondheidszorg erkennen de noodzaak tot verandering. Zoals ik in mijn in een eerder blog beschreef, zorgt de COVID-19-crisis enerzijds voor een versnelde verschuiving naar virtueel en op afstandwerken, en anderzijds voor een krachtigere centrale coördinatie. Niet alleen helpt dit beeldvormende en diagnostische afdelingen de huidige storm te doorstaan, maar het zorgt op den duur ook voor meer integratie, flexibiliteit en veerkracht.

 

Ook wij zien de noodzaak van een betere integratie van onze diagnostische oplossingen. Al meer dan honderd jaar lopen we voorop als het gaat om innovatie in medische beeldvorming. Maar voor de uitdagingen van de diagnostische en klinische zorgverleners van nu is er meer nodig dan een statische momentopname van een patiënt via hoogwaardige beelden. Het is even belangrijk dat we de juiste mensen voorzien van de juiste diagnostische inzichten zodat zij een beter begrip van de patiënt krijgen en elke patiënt kunnen begeleiden naar de meest geschikte behandeling.

Daarom hebben we besloten onze capaciteiten op het gebied van diagnostische beeldvorming, digitale pathologie en genomics verder te integreren. We investeren ook meer in IT-systemen om artsen te helpen data – oud, nieuw, lokaal en op afstand – aan elkaar te koppelen, en in kunstmatige intelligentie om die data om te zetten in bruikbare inzichten die de diagnostische besluitvorming en behandelkeuze ondersteunen.

 

Wat al deze inspanningen gemeen hebben, is de ambitie om precisiediagnose te verbeteren op een manier die voorheen niet mogelijk was. Samen met zorgverleners wereldwijd willen we diagnostische data met grotere precisie kunnen verwerven, delen en vertalen naar inzichten, over de grenzen van de verschillende specialismen heen. Deze inzichten vormen vervolgens de basis voor klinische besluiten, met als uiteindelijk doel de resultaten voor patiënten te verbeteren, kosten te verlagen en de patiënt- en medewerkerservaring te verbeteren.

 

Wat betekent dit in de praktijk? Laten we deze ambities opsplitsen in vier ontwikkelingen.

1. Direct de juiste diagnose stellen met slimme diagnostische systemen

Bij diagnostische beeldvorming is het een uitdaging om productiviteit te combineren met precisie. Door COVID-19 zijn er bij sommige afdelingen aanzienlijke wachtlijsten ontstaan, terwijl de nieuwe normen voor persoonlijke beschermingsmiddelen en desinfectie zorgen voor meer stress onder het personeel.

 

Zelfs onder de beste omstandigheden belemmeren ongewenste afwijkingen first-time-right beeldvorming. Dit kan komen door het specifieke opleidings- en vaardigheidsniveau van de zorgverlener, het gebrek aan gestandaardiseerde protocollen of de technologie die onvoldoende is afgestemd op de patiënt. Het resultaat: onnodige nieuwe scans die tijd, geld en middelen kosten en diagnose en behandeling vertragen.

 

Hoe kunnen we radiologiemedewerkers helpen direct het juiste resultaat te behalen?

 

Toen we radiologiemedewerkers in onze enquête van vorig jaar vroegen waaraan ze behoefte hadden, waren hun antwoorden veelzeggend: naar hun mening kon bijna een kwart van hun werk worden geautomatiseerd, waardoor hun werk minder stressvol, efficiënter en met meer contact met de patiënt zou kan worden uitgevoerd. 

 

Hier kunnen slimme diagnostische systemen uitkomst bieden.

Martijn Franken, klinisch fysicus (L) en Marcel Swijnenburg, Zorgmanager bij Bravis ziekenhuis. Foto: Frank van Beek

Bij MRI-scanners bijvoorbeeld, een van de meest complexe beeldvormingsmodaliteiten, zijn we bezig de workload van de radiologie-assistenten te verminderen door de planning, het scannen zelf en de verwerking van het onderzoek te automatiseren. Hierdoor kunnen zelfs nieuwe medewerkers met vertrouwen hun werk doen. Op vergelijkbare manier kan de technologie bij röntgenfoto's hulp bieden bij de positionering van de patiënt, waardoor foto's sneller kunnen worden gemaakt en vaker direct goed zijn. Hierdoor ging in één kliniek het aantal gescande patiënten omhoog van 680 per maand naar bijna 1200 per maand. En in echografie, aantoonbaar de meest arbeidsintensieve beeldvormingsmodaliteit, bieden intelligente nieuwe transducers extra ondersteuning om niets over het hoofd te zien en nauwkeurigere detectie mogelijk te maken. 

 

Door technologie af te stemmen op de behoeften van de individuele patiënt kunnen we de precisie in beeldkwaliteit verder verbeteren. Neem bijvoorbeeld pediatrische patiënten, van piepkleine pasgeborene baby’s tot adolescenten met overgewicht. Met een echografieoplossing die specifiek is ontwikkeld voor pediatrie, kunnen artsen sneller en met meer vertrouwen een diagnose stellen bij kinderen.

 

We helpen artsen ook om met vertrouwen na één scan een diagnose te stellen door het gebruik van spectrale CT te stimuleren, met name bij de diagnose van cardiovasculaire aandoeningen en kanker. Omdat spectrale CT resulteert in hoge diagnostische beeldkwaliteit met een lage dosis contrastvloeistof, is het uitermate geschikt voor zelfs de meest kwetsbare patiënten, bijvoorbeeld mensen met een verminderde nierfunctie die minder contrastvloeistof verdragen. Eén onderzoek onder kankerpatiënten met nierinsufficiëntie toonde aan dat spectrale CT vergeleken met CT's zonder contrast resulteerde in 34% tijdreductie tot diagnoses en 25% minder onnodige aanvullende onderzoeken, een besparing van gemiddeld 400 euro per noodzakelijke extra scan. Het toont duidelijk aan hoe slimme diagnostische systemen voor meer precisie kunnen zorgen, goed voor zowel patiënten als zorgverleners als het budget. 

2. Werkstromen optimaliseren voor grotere klinische en operationele efficiëntie 

Hoewel slimme diagnostische technologie een opstap is naar precisiediagnose, is dit duidelijk niet voldoende. In de eerder genoemde enquête gaven radiologiemedewerkers aan dat een goede workflow ook sterk bijdraagt aan first-time-right diagnose – of het nu gaat om goed-voorbereide patiënten die zich op tijd voor hun onderzoek melden of om eenvoudige en volledige toegang tot patiëntendata.

 

Daarom is het van belang dat beeldvormende afdelingen werken als een onderling verbonden systeem, met de patiënt in het middelpunt. Op elk moment in diens behandeling kan verspilling worden voorkomen en kunnen workflows worden geoptimaliseerd. Dit begint al voordat de patiënt zelfs maar in het ziekenhuis is gearriveerd.

 

No-shows en slecht voorbereide patiënten kunnen het beeldvormingsproces ontregelen. Met de huidige wachtlijsten, de financiële druk en de zorgen van patiënten om COVID-19 krijgen dergelijke problemen een nog grotere prioriteit. Zorgverleners zien in dat 'precisie' begint met de juiste patiëntplanning en -voorbereiding. Daarom realiseren ze zich de waarde van platforms waarmee patiënten op afstand kunnen worden geïnformeerd en gerustgesteld. Wanneer we hieraan een voorspellende functie toevoegen specifiek voor patiënten die extra aandacht nodig hebben, kunnen we no-shows nog beter voorkomen.

Daarom hebben we besloten onze capaciteiten op het gebied van diagnostische beeldvorming, digitale pathologie en genomics verder te integreren. We investeren ook meer in IT-systemen om artsen te helpen data aan elkaar te koppelen, en in kunstmatige intelligentie om die data om te zetten in bruikbare inzichten die de diagnostische besluitvorming en behandelkeuze ondersteunen.

Kees Wesdorp

Chief Business Leader Precision Diagnosis

Later in het traject is het belangrijker dan ooit om vanuit elke locatie toegang te hebben tot patiëntendata. In de nasleep van COVID-19 is op afstand werken snel de nieuwe norm geworden. De beoordeling van beelden op afstand biedt mogelijkheden om de workload evenredig te verdelen over alle specialisten in een netwerk.

 

Naarmate deze manier van werken gemeengoed wordt, wordt centrale coördinatie cruciaal. Dat betekent dat we een sterke stijging zullen zien van klinische en operationele cockpits – virtueel of fysiek – voor dynamische controle op mensen, data en technologie binnen alle beeldvormende afdelingen. Alleen met dergelijke cockpits zijn complexiteit en onvoorspelbaarheid beheersbaar. En ze kunnen de verspilling in een nu al overbelast systeem helpen verminderen.

3. Via geïntegreerde diagnostiek brede inzichten in de patiënt genereren

Hoe kunnen artsen, nu ze meer en meer data verzamelen over de toestand van een patiënt, hier nog wijs uit worden en een vollediger en nauwkeuriger beeld van de patiënt krijgen? 

 

Te veel informatie kan een echte uitdaging worden. Daarom is geïntegreerde diagnostiek de volgende uitdaging voor precisiediagnose. Deze helpt alle data op de juiste manier met elkaar te verbinden, ongeacht specialisme en tijdpad, en biedt zo relevante inzichten op elk punt in de behandeling. 

 

We zijn al bezig deze visie te realiseren. In de oncologische zorg ondersteunen we het multidisciplinaire tumoroverleg met uniforme patiëntendashboards waarmee het uitgebreide klinische team in één overzicht alle stukjes van de puzzel kan zien. Door automatisch data van verschillende bronnen – zoals het EPD, lab, pathologie, radiologie en genomics – samen te brengen, kunnen we voor alle betrokkenen de voorbereidingstijd verkorten en ondersteunen we tijdige, afgewogen behandelbesluiten.

Diana Kodde van acuut/complex legt de werking van de Bionsensor uit aan een patiënt. Foto: Bravis ziekenhuis.

Op dezelfde manier helpen we cardiologieteams bij de veelheid van beelddata van een patiënt, van ECG tot echocardiogrammen en coronaire CT. Bij de beoordeling van complexe hardaandoeningen, zoals hartfalen, kan het missen van relevante informatie leiden tot vermijdbare verslechtering van de patiënt. Het is dus uitermate belangrijk dat behandelende artsen op elk moment een heldere en allesomvattende 'cockpit view' van de patiënt hebben.

 

Er zijn nog veel andere mogelijkheden om geïntegreerde diagnostiek te bevorderen. Nu comorditeiten bijvoorbeeld steeds relevanter worden, kunnen we bruggen slaan tussen zorgdomeinen zoals oncologie en cardiologie. Alleen door patiënten met hun volledige klinische en persoonlijke geschiedenis te zien, kunnen we hen begeleiden en volgen tijdens een behandeling – en dat brengt ons bij de vierde en laatste uitdaging voor precisiediagnose.

4. Elke patiënt begeleiden naar een behandeling met voorspelbare resultaten

Hoe nauwkeurig de diagnose van een patiënt ook is, artsen rest nog steeds een geduchte uitdaging: wat moet binnen al die behandelopties de volgende stap zijn voor deze specifieke patiënt? 

 

Voor uitermate complexe ziekten zoals kanker, kan deze vraag ongelooflijk moeilijk te beantwoorden zijn. Tot op moleculair niveau is elke patiënt anders, wat vraagt om nauwkeurige behandeling op maat. Maar het is praktisch onmogelijk voor de overbezette artsen om op de hoogte te blijven van elk nieuw medicijn dat op de markt komt, elke specifieke behandeling die beschikbaar komt en elk wetenschappelijk onderzoek dat wordt gepubliceerd. 

 

Daarom werken we samen met toonaangevende wetenschappelijke onderzoekscentra zoals het Dana-Farber Cancer Institute om hun geavanceerde kennis beter beschikbaar te stellen aan oncologieteams waar ook ter wereld – waardoor ze voor elke patiënt het juiste zorgtraject kunnen selecteren, gebaseerd op de unieke kenmerken van de patiënt en de op dat moment beschikbare behandelopties. Dankzij een nieuw partnerschap met MD Anderson ontsluiten we de mogelijkheden van genomic markers om kankerbehandelingen op maat te bieden en matching van klinisch onderzoeken te faciliteren. Deze uitstapjes in de datagestuurde behandelondersteuning beloven veel goeds voor de toekomst.

Diana Kodde van acuut/complex legt de werking van de Bionsensor uit aan een patiënt. Foto: Bravis ziekenhuis.

Ik voorzie dat we in de toekomst veel beter kunnen voorspellen hoe een patiënt reageert op een behandeling, op basis van inzichten die zijn verstopt in de data van vergelijkbare patiënten. Het is een route die we al in de prostaatkankerzorg hebben onderzocht met onze klinische onderzoekspartners. 

 

De meeste behandelingen hebben voor- en nadelen die goed tegen elkaar moeten worden afgewogen in een open dialoog tussen patiënten en artsen. Deze dialoog zal enorm veel profijt hebben van evidence-based voorspellingen over overlevings- en herstelpercentages, maar ook over kwaliteit van leven.

 

Ook na de start van een behandeling blijft slimme en geïntegreerde diagnostiek, ondersteund door efficiënte werkstromen, cruciaal voor een effectieve en langdurige monitoring van de toestand van de patiënt. Of het nu via multimodale tumoropsporing bij kankerpatiënten of beoordeling van de hartfunctie bij hartpatiënten is: de diagnose of behandeling gaan door. 

 

Waarom? Omdat precisiediagnose uiteindelijk niet een statische momentopname van een patiënt is: het is een zich steeds ontwikkelende serie van bepalende momenten, waarbij diagnostische informatie continu voortbouwt op het vorige en elk nieuw inzicht de basis vormt voor het volgende besluit over het zorgtraject van de patiënt. Op elk van die momenten kunt u dankzij precisiediagnose met vertrouwen deze vraag beantwoorden: wat wordt onze volgende stap?

Neem contact met ons op

 

Neem contact met ons op om meer te leren over de oplossingen van Philips voor precisiediagnose.

 

 

Altijd op de hoogte van het laatste nieuws op het gebied van gezondheidszorg? Meld u gratis aan voor de Medisch Perspectief nieuwsbrief.

Contactinformatie

* Dit veld is verplicht
*

Contactgegevens

*
*
*

Bedrijfsgegevens

*
*
*
Philips waardeert en respecteert uw privacy. Voor meer informatie over ons privacybeleid kunt u terecht op
*

Contactinformatie

* Dit veld is verplicht
*
*
*
*
*
*
*
*
*
Door uw reden voor contact op te geven, kunnen wij u beter van dienst zijn.
We work with partners and distributors who may contact you about this Philips product on our behalf.
*
*

Final CEE consent