Nieuw praktijkonderzoek toont sterke daling opnames en 26% minder zorgkosten na optimalisatie zorgproces in combinatie met eHealth


Praktijkonderzoek door Zilveren Kruis Achmea, VGZ, CZ, Philips en zes ziekenhuizen

november 27, 2014

Eindhoven – De zorg voor hartfalenpatiënten kan sterk worden verbeterd en er kan 26% op de zorgkosten worden bespaard als hun zorgproces wordt geoptimaliseerd en zij worden ondersteund met digitale thuismeetoplossingen zodat hun gezondheidstoestand stabiliseert. Dat stelt een samenwerkingsverband van zorgverzekeraars Zilveren Kruis Achmea, CZ en VGZ, zes Nederlandse ziekenhuizen¹ en Philips dat vandaag de resultaten bekend  heeft gemaakt van een nieuw praktijkonderzoek.    

 

Voor het onderzoek werden 175 hartfalenpatiënten gevolgd van januari 2010 tot juni 2014. Hun zorgproces werd op meerdere fronten geoptimaliseerd. Zo kregen zij na het eerste contact met hun huisarts al na ongeveer een week vervolgonderzoek, een diagnose en een behandelplan, waar dit traditioneel ruim anderhalve maand in beslag neemt. Waar zorg traditioneel reactief is en er wordt gehandeld als mensen zich niet goed voelen, werd nu proactief en dagelijks gehandeld om de gezondheid van de patiënt stabiel te houden en verslechteringen vroegtijdig te signalen.

 

De patiënten worden daarbij ondersteund met digitale thuismeetapparatuur. Hiermee konden zij dagelijks hun vitale functies meten en kregen zij ook levensstijladvies. In plaats van ongeveer eens per drie maanden in het ziekenhuis werden patiënten nu dagelijks op afstand thuis gecontroleerd. Effecten vóór en na het optimaliseren van het zorgproces werden gemeten en vergeleken door een onafhankelijke onderzoeksorganisatie².

 

De partijen wisten het aantal verpleegdagen met 57% en het aantal ziekenhuisopnames met 52% te verminderen doordat patiënten veel minder vaak met ernstige complicaties in het ziekenhuis hoefden te worden opgenomen en behandeld. Hierdoor kon de zorg voor het grootste deel in de thuisomgeving plaatsvinden. Uiteindelijk kon zo per patiënt gemiddeld 26% op de zorgkosten worden bespaard. Een extrapolatie van de resultaten zou een jaarlijkse besparing kunnen opleveren van meer dan 80 miljoen euro als de nieuwe werkwijze bij 50% van alle hartfalenpatiënten³ die in Nederlandse ziekenhuizen worden behandeld zou worden ingezet.

 

Het onderzoek toonde daarnaast aan dat zowel artsen als patiënten tevreden tot zeer tevreden zijn over de nieuw ingerichte zorg. Patiënten lieten ook weten het zeer geruststellend te vinden dat zij dagelijks werden ondersteund vanuit hun zorgverleners met behulp van e-health.

 

“Het aantal patiënten met hartfalen zal verdubbelen de komende jaren. We moeten naar nieuwe manieren van werken om deze mensen ook in de toekomst te kunnen helpen met goede en betaalbare zorg,” stelt Wietse Veenstra, verpleegkundig specialist hartfalen in het Scheperziekenhuis in Emmen dat meedeed aan het onderzoek. “We hebben met het onderzoek kunnen aantonen dat het mogelijk is het behandelresultaat te verbeteren, terwijl je de patiënt meer centraal stelt en gelijkertijd ook kostenefficiënter werkt.”

 

Aanbevelingen
De initiatiefnemers bevelen aan dat het zorgbekostigingsmodel voor telemonitoring in de tweedelijn wordt herzien. Door efficiënter te werken nemen de inkomsten van bepaalde zorgverleners af. Zo nemen in ziekenhuizen de inkomsten voor ligdagen af. Een aangepast model, bijvoorbeeld shared value, waarbij de opbrengsten van een verbeterde gezondheid van de patiënt en het efficiënter werken worden verdeeld over meerdere partijen, zou de barrières die hieruit voortkomen kunnen wegnemen.

 

Voor de realisatie van dit nieuwe zorgbekostigingsmodel, dat nodig is om landelijk op te schalen, willen de verzekeraars precompetitief samenwerken met de verschillende zorgverleners uit de eerste en tweede lijn. Er wordt gedacht aan een model waarbij de eindverantwoordelijkheid voor deze vorm van zorg voor hartfalenpatiënten bij de huisarts zou kunnen liggen en deze zo dicht mogelijk bij de patiënt is georganiseerd. Hij zou een kernteam kunnen aansturen met daarin rollen voor de cardioloog, hartfalenverpleegkundige, apotheek en thuiszorginstantie. Hij zou daarbij ook financieel eindverantwoordelijk kunnen zijn voor de zorgketen. Hij koopt bijvoorbeeld een diagnose in bij de cardioloog, behandeluitvoering met monitoring bij de hartfalenverpleegkundige en ondersteuning na terugkeer uit het ziekenhuis bij de thuiszorginstantie. Zo zou de zorg zo dicht mogelijk rondom de patiënt kunnen worden georganiseerd en zo kostenefficiënt mogelijk kunnen worden ingericht.

 

Het St. Anna Ziekenhuis in Geldrop, dat ook deelnam, kijkt momenteel naar de mogelijkheden om een dergelijk kernteam met huisartsen op te zetten.

 

“Een patiënt met een chronische aandoening krijgt tijdens ziekenhuisopname, herstel en het leven met zijn ziekte te maken met veel verschillende zorgverleners vanuit verschillende organisaties, zoals het ziekenhuis, de huisarts en de thuiszorg. Momenteel functioneren deze zorgaanbieders nog veelal los van elkaar en dat is niet optimaal voor de patiënt en de kwaliteit van zorg,” zegt  Ramon van de Ven, cardioloog in het St. Anna Ziekenhuis in Geldrop. “Chronische ziekten zijn meestal erg complex en patiënten hebben vaak meerdere aandoeningen. Een integrale benadering bij deze patiënten is noodzakelijk. Met zo’n innovatief zorgmodel kunnen we ons als één zorgteam rondom de patiënt organiseren en hem of haar een heel gerichte, effectieve en duurzame zorg bieden die ook nog kostenbesparend is.”

 

“Er zijn inmiddels tal van e-health oplossingen voorhanden waarvan patiënten en zorgverleners zouden kunnen profiteren. En ook de maatschappij, als het gaat om het verminderen van de kosten van onze zorg. De technologie is er klaar voor, maar de manier waarop de zorg nu is georganiseerd en wordt gecontracteerd nog niet. Wel maken we gaandeweg slagen die daarin verandering brengen. Dat is ook nodig want anders blijven de enorme potentie van e-health en monitoring onbenut,” zegt Ab Klink lid van de Raad van Bestuur van zorgverzekeraar VGZ namens de samenwerkende partijen. “Met de resultaten van dit onderzoek kunnen we de volgende stap zetten naar een innovatief zorgmodel waarmee zorg binnen en buiten het ziekenhuis wordt geïntegreerd en er enorme voordelen zijn voor de patiënt, arts en maatschappij.”
 
Het rapport van Kiwa Carity met alle resultaten vindt u op:
http://www.kiwacarity.nl/Actueel/Publicaties/rapportehealth/

 

De eindrapportage met de details van het onderzoek en de aanbevelingen vanuit de initiatiefnemers vindt u hier.

 

¹ Aan het onderzoek deden de volgende ziekenhuizen mee: Zorggroep Leveste Middenveld, locatie Scheper Ziekenhuis in Emmen, Havenziekenhuis in Rotterdam, St. Anna Ziekenhuis in Geldrop, Wilhelmina Ziekenhuis in Assen, Zaans Medisch Centrum in Zaandam, Sint Lucas Andreas Ziekenhuis in Amsterdam.

De ziekenhuizen hebben geen afwijkend profiel ten opzichte van andere ziekenhuizen in Nederland ten aanzien van de cardiologische zorgconsumptie.

² Kiwa Carity http://www.kiwacarity.nl/

³ In Nederland zijn naar schatting 150.000 patiënten met harfalen. Op dit moment worden meer dan 68.000 patiënten behandeld in het ziekenhuis Bron: Hartstichting, NationaalKompas, DIS data 2012 (www.opendisdata.nl) .

Download

 Overhandiging van eindrapport aan Ab Klink door Leon van der Vorst, verantwoordelijk voor de medische thuiszorg binnen Philips. Philips was naast Achmea, VGZ en CZ een van de initiatiefnemers voor het onderzoek.

Download

 Een hartfalenpatiënt van het St. Anna Ziekenhuis in Geldrop die deelnam aan het onderzoek met nieuw zorgproces en eHealth.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met een van de onderstaande contactpersonen:

VGZ
Jaap de Bruin
E-mail: jaap.de.bruijn@vgz.nl
Tel. +31 6 2828 8073

 

Zilveren Kruis Achmea
Christine Rompa
E-mail: christine.rompa@achmea.nl
Tel. +31 6 2248 4658 

 

CZ
Rik van Druten
E-mail: rik.van.druten@cz.nl
Tel. +31 6 3610 4618

 

Philips
Joost Maltha
E-mail: joost.maltha@philips.com
Tel. +31 6 10 55 8116

.

Over Koninklijke Philips N.V.

Koninklijke Philips N.V. (NYSE: PHG, AEX: PHIA) is een veelzijdige onderneming die actief is op het gebied van gezondheidszorg en welzijn. De onderneming is gericht op verbetering van de kwaliteit van leven van mensen door middel van zinvolle innovaties op het terrein van gezondheidszorg, lifestyle en verlichting. Met het hoofdkantoor gevestigd in Nederland, heeft Philips – met in 2013 een omzet van EUR 23.3 miljard – wereldwijd circa 115.000 werknemers in dienst, met verkoop- en servicepunten verspreid over meer dan 100 landen. De onderneming heeft leiderschapsposities op het gebied van de cardiologie, spoedeisende zorg en zorg op afstand, energiezuinige verlichting en nieuwe verlichtingstoepassingen; daarnaast op het gebied van scheerapparaten en mondverzorgingsproducten. Meer nieuws over Philips vindt u op www.philips.nl/nieuwscentrum.

.