Philips onderzoekt geavanceerde systemen voor begeleiding bij hartfalen

mei 31, 2010

Dit is Eva. Ze lijdt aan hartfalen. Dat betekent dat haar hart niet in staat is om genoeg bloed door haar lichaam te pompen. Hartfalen kan het gevolg zijn van een hartaanval of een ander soort hartziekte.

 

Helaas geldt voor patiënten met hartfalen een groot risico op een verschijnsel dat ‘decompensatie’ wordt genoemd. Decompensatie veroorzaakt een snelle en levensbedreigende verslechtering van de gezondheidstoestand, waarvoor de patiënt in het ziekenhuis moeten worden opgenomen.

Als decompensatie vroegtijdig kan worden opgemerkt, kunnen artsen de toestand van de patiënt stabiliseren via een aanpassing van de medicatie. Daarmee wordt niet alleen ziekenhuisopname vermeden, maar kan ook de kwaliteit van leven worden verbeterd. In veel gevallen wordt decompensatie echter pas opgemerkt als de patiënt merkbare symptomen ondervindt en een arts nodig heeft.

Net als Philips’ huidige telezorgoplossingen voor mensen met hartfalen, waarbij de gezondheidstoestand dagelijks kan worden gecontroleerd terwijl de patiënt gewoon thuis is, ontwikkelt Philips Research een geavanceerd systeem voor begeleiding bij hartfalen dat nog meer informatie over de toestand van een patiënt geeft en het mogelijk maakt om zo nodig eerder in te grijpen. Dit nieuwe systeem omvat onder meer een speciaal vest met ingeweven elektroden dat dagelijks de vitale functies van de patiënt registreert.

Philips Research onderzoekt momenteel of specifieke trends in de vitale-functiewaarden vroege tekenen zijn van decompensatie en of het systeem in staat is om op basis van deze trends artsen enkele dagen voordat decompensatie inzet te waarschuwen. Een dergelijke vroege waarschuwing geeft artsen de tijd om de medicatie van de patiënt aan te passen en diens toestand te stabiliseren voordat er symptomen optreden, waardoor minder vaak ziekenhuisopnames nodig zullen zijn.

In het kader van het door de EU gefinancierde onderzoeksproject MyHeart voert Philips Research deze onderzoeken uit met prototypes van het systeem, die worden gebruikt door 150 patiënten in zes Europese steden.

Hoe werkt het experimentele systeem? Terwijl Eva slaapt, worden haar ademhaling en hartslag gemeten door onopvallende sensoren die in haar bed zijn aangebracht.
 
  

 

Wanneer ze ’s ochtends opstaat, trekt ze een vest aan met sensoren en ingeweven elektroden. Met dit vest worden de gemiddelde hartslag en de thoraximpedantie gemeten. Door de elektrische weerstand (thoraximpedantie) te meten kan de compositie van het bovenlichaam worden ingeschat. Meer vocht in de longen (een vaak voorkomend voorteken van decompensatie) zorgt voor een lagere elektrische weerstand in het bovenlichaam, aangezien water elektriciteit geleidt.*

 

 

Daarna weegt Eva zich op een elektronische weegschaal en neemt ze haar bloeddruk op.

 

           

 

Het vest, de weegschaal en de bloeddrukmeter staan draadloos in verbinding met een PDA die de gegevens verzamelt en analyseert. De informatie over Eva’s gezondheid wordt vervolgens automatisch naar haar zorginstelling gestuurd. Als de resultaten wijzen op een verslechtering, heeft de arts de tijd om haar behandeling aan te passen. Met deze technologie wil Philips de persoonlijke zorg aan mensen met hartfalen verbeteren en bijdragen aan het beperken van de totale kosten van de gezondheidszorg.


* De Lorenzo, A., A. Andreoli, e.a. (1997). ‘Predicting body cell mass with bioimpedance by using theoretical methods: a technological review’. Journal of Applied Physiology 82(5): 1542-1558;
Moissl, U., Wabel P., Leonhardt S., Isermann R. (2004). ‘Modellbasierte Analyse von Bioimpedanz-Verfahren’. Automatisierungstechnik 52(6): 270-279.